Nimarine NF4 Manual


Læs nedenfor 📖 manual på dansk for Nimarine NF4 (56 sider) i kategorien Påhængsmotorer. Denne guide var nyttig for 22 personer og blev bedømt med 4.5 stjerner i gennemsnit af 2 brugere

Side 1/56
gebruikers
handleiding
buitenboordmotor
F4
Belangrijke aanwijzingen
Aan de eigenaar
Dank dat u voor ons merk en product hee gekozen. Deze handleiding bevat informae voor de correcte bediening,
onderhoud en zorg van de buitenboordmotor. Maak u vertrouwd met deze eenvoudige instruces, dat gee de
zekerheid dat u het meeste plezier aan uw buitenboordmotor belee. Wanneer u nog aanvullende vragen hee, neem
dan contact op met uw dealer. Belangrijke informae wordt benadrukt op de volgende manieren:
Dit symbool gee een poteneel gevaarlijke situae aan. LET OP! WEES OPLETTEND! UW VEILIGHEID KAN IN
GEVAAR ZIJN!
WaarsChuWing
Wanneer een WAARSCHUWING genegeerd wordt, kan dat ernsg letsel of zelfs dodelijke gevolgen hebben voor de
degene die de buitenmotor bedient, een omstander of degene die de buitenboordmotor repareert of inspecteert.
leT OP
LET OP gee aan dat er speciale maatregelen genomen moeten worden om, mogelijke, motorschade te voorkomen.
OPMerking
Een OPMERKING gee belangrijke informae om bepaalde procedures makkelijker of duidelijker te maken.
Om een lange levensduur te garanderen is het van belang om de instruces en aanwijzingen in de handleiding nauwleend
te volgen. Het niet volgen van de handleiding en instruces kan motorschade en het vervallen van de garane als gevolg
hebben.
OPMerking
De F4 buitenboordmotor en de standaard aanwezige accessoires zijn gebruikt als uitgangspunt voor de uitleg en
illustraes in deze handleiding. Daarom kan het voorkomen dat sommige onderdelen of procedures in deze handleiding
geen betrekking hebben op ieder model.
Inhoud
Algemene informae 1
Veiligheidsinformae 2
Belangrijke labels 2
Veiligheidslabels 2
Waarschuwingslabels 3
Brandstof instruces 4
Brandstof 4
Motorolie 5
Schroef keuze 6
Basisonderdelen 6
Hoofdonderdelen 7
Tankdop 8
Venlaeschroef 8
Brandstoraan 8
Stuurhendel 9
Schakelhendel 9
Gashendel 9
Gashendel stelknop 10
Noodstopschakelaar 11
Stopschakelaar 11
Choke trekknop 11
Startgreep trekstarter 11
Stuurweerstand knop 11
Kantel blokkeerhevel 12
Gebruik 13
Draaggreep 13
Plaatsen van de motor 14
Posionering van de motor 14
Vastzeen van de motor 15
Inloopprocedure 16
Procedure voor viertakt motoren 16
Controles voor het starten 18
Brandstof 17
Starten van de motor 19
Motor warm draaien 20
Bedieningsorganen 15
Motor 15
Motoroliepeil controleren 15
Brandstof tank vullen 16
Bediening 17
Brandstooevoer 18
Uitvoeringen met handstart 19
Schakelen 21
Vooruit, achteruit 21
Motor afzeen 22
Procedure 20
Afstellen van de trimhoek 23
Trimhoek instellen 24
Inhoud
Boorim instellen 24
Motor kantelen 25
Omhoog kantelen 25
Omlaag kantelen 26
Onderhoud 27
Specicaes 27
Vervoer en opslag 29
Buitenboordmotor opslaan 30
Procedure 30
Smering 30
Schoonmaken 30
Gelakte oppervlakten 32
Periodiek onderhoud 33
Onderdelen 33
Onderhoudsschema 34
Smeren 35
Schoonmaken en afstellen bougie 36
Brandstofsysteem controleren 37
Staonair toerental 37
Motorolie verversen 38
Bedrading en stekkers controleren 36
Uitlaatlekkage 39
Schroef controleren 40
Schroef verwijderen 40
Schroef plaatsen 41
Staartstukolie verversen 42
Controle en vervanging anode(s) 43
Coang van de romp 43
Problemen oplossen 44
Diagnose 44
Tijdelijke maatregelen in noodsituaes 48
Schade door aanvaring 48
Starter werkt niet 49
Noodstart procedure 49
Motor is onder water geraakt 50
Procedure 51
1
Algemene informae
Het serienummer van de buitenboordmotor is ingeslagen op het label aan de linkerkant van de motor klembeugel.
SN = Serial Number, verder is het type, vermogen en gewicht aangegeven. Noteer het serienummer op onderstaande
aeeldingen, deze is noodzakelijk voor de idencae van de motor en vergemakkelijkt het bestellen van onderdelen.
1 Serienummer
Lees deze handleiding geheel door voor het eerste gebruik van de buitenboordmotor. U raakt daardoor vertrouwd
met de eigenschappen van de motor en de veiligheids- en onderhoudsvoorschrien
Lees voordat u gaat varen de handleiding van de boot en alle aanwezige labels. Overtuig u ervan dat u de inhoud
daarvan begrijpt
Gebruik deze motor niet wanneer het vermogen ervan hoger ligt dan maximaal voor de betreende boot is
toegelaten. Een te hoog vermogen maakt het gebruik van de boot dan onveilig. Wanneer het onbekend is wat het
maximaal toelaatbare vermogen voor de boot bedraagt, neem dan contact op met de dealer of fabrikant van de boot
Wijzig de buitenboordmotor niet. Wijzigingen kunnen de buitenboordmotor onveilig of onbruikbaar maken. Een
verkeerde schroeeuze en verkeerd gebruik kunnen motorschade veroorzaken en het brandstofverbruik doen
toenemen. Vraag uw dealer naar de juiste procedures
Gebruik de buitenboordmotor nooit na gebruik van alcohol, verdovende middelen of drugs. Bij 50 procent van alle
ongelukken met boten is sprake van alcohol- of drugsgebruik
Zorg voor een goedgekeurd zwemvest voor iedere opvarende van de boot. Draag bij voorkeur een zwemvest bij het
varen. Kinderen en personen die niet kunnen zwemmen, dienen aljd een zwemvest te dragen, alle inziende dienen
een zwemvest te dragen wanneer de weerscondies mogelijk gevaar kunnen opleveren
Benzine is uiterst brandbaar, de dampen ervan kunnen explosief zijn. Sla benzine zorgvuldig op. Verzeker u ervan dat
geen benzine, of benzinedampen lekken voordat de buitenboordmotor gestart wordt
Deze buitenboordmotor produceert uitlaatgassen waaronder het giige koolmonoxide, een kleurloos, geurloos gas
waarvan inademing kan leiden to bewusteloosheid en zelfs de dood. Symptomen van koolmonoxidevergiiging zijn
onder meer misselijkheid, duizeligheid en slaperigheid. Zorg er voor dat de cabine en stuurstand goed gevenleerd
worden. Voorkom een geblokkeerde uitlaat
Controleer het gashendel, het schakelhendel en de stuurinrichng op een juiste werking voordat u de
buitenboordmotor start
Bevesg het veiligheidskoord aan een stevig deel van uw kleding, arm of been. Wanneer u de stuurstand verlaat, zal
het koord los van de noodstopschakelaar schieten en de buitenboordmotor laten afslaan
Verzeker u ervan dat u beschikt over de juiste voorgeschreven weelijke kennis en eventueel een vaarbewijs
noodzakelijk voor het besturen van de boot
Stel u vooraf op de hoogte van de weersvoorspelling. Ga niet varen onder ongunsge weersomstandigheden
2
Algemene informae
Stel anderen op de hoogte waar u naar toe gaat varen, laat een vaarplan achter bij een verantwoordelijk persoon en
schrap dit na uw terugkomst
Verzeker u ervan dat u weet wat de vaareigenschappen van de boot zijn onder verschillende omstandigheden.
Vaar aljd met een veilige, toegelaten snelheid en houd het overige waterverkeer scherp in het oog
Let in het bijzonder op zwemmers jdens het varen
Houd een ruime afstand ten opzichte van zwemgebieden aan
Wanneer een zwemmer zich dicht bij de boot bevindt, zet de buitenboordmotor dan in neutraal en zet de motor af
Breng verpakkingen van gebruikte motorolie terug naar het verkooppunt of bied deze aan als klein chemisch afval
Giet nooit olie in de motor zonder gebruik van een trechter. Veeg gemorste olie direct af
In geval van twijfel vraag uw dealer naar de juiste procedure om verpakkingen af te voeren. Gooi nooit illegaal enige
verpakking weg
Lees de handleidingen en labels
Voor het eerste gebruik of onderhoud aan deze buitenboordmotor adviseren wij dringend om:
Deze handleiding geheel te lezen
De handleiding van de boot waarop deze buitenboordmotor gebruikt wordt te lezen
Alle labels op zowel de buitenboordmotor als de boot te lezen
Wanneer u nog vragen hee, contact met uw dealer op te nemen
WAARSCHUWINGS LABELS
Neem contact met uw dealer op wanneer deze labels ontbreken of beschadigd zijn.
F4
3
1
Het noodstartsysteem is niet voorzien van een startblokkering. Verzeker u ervan dat de schakelhevel in de stand
‘’neutraal’’ staat.
2
Houd handen, haar en kleding weg van het vliegwiel en andere draaiende delen
wanneer de buitenboordmotor in gebruik is.
Raak geen elektrische delen aan bij het starten of jdens het gebruik.
3
Lees deze handleiding en labels.
Draag een goedgekeurd zwemvest.
Bevesg het veiligheidskoord aan het zwemvest, arm of been zodat de motor automasch stopt wanneer
u de stuurplaats verlaat. Dit voorkomt dat de boot onbestuurd verder kan varen.
Algemene informae
4
4
Benzine is hoogst ontvlambaar en explosief. Zet de motor af voordat u brandstof tankt. Draai de tankdop en de
venlaeschroef dicht wanneer de motor niet in gebruik is.
leT OP
Deze zijde naar boven
BENZINE EN BENZINEDAMPEN ZIJN UITERST BRANDBAAR EN EXPLOSIEF!
Rook niet bij het tanken, houd afstand van vonken, open vuur en andere ontstekingshaarden
Zet de buitenboordmotor af voor het tanken
Vul alleen brandstof bij in een goed gevenleerde ruimte. Losse brandstoanks buiten de boot vullen
Mors geen brandstof. Veeg gemorste brandstof direct weg met een droge doek
Vul niet te veel brandstof bij
Draai na het tanken de tankdop stevig dicht
Wanneer u benzine ingeslikt hee, overmag benzinedamp ingeademd hee of benzine in de ogen
gekregen hee direct medische hulp inschakelen
Wanneer benzine op de huid gemorst wordt, deze direct met zeep en water verwijderen.
Draag geen kleding waar benzine op gemorst is
Laat het benzinevulstuk op de trechter of tankopening rusten om elektrostasche vonken te vermijden
leT OP
Gebruik uitsluitend verse, schone benzine die in schone benzinetanks opgeslagen is geweest en niet vervuild is met water
of verontreinigingen
Aanbevolen benzine:
Wanneer de buitenboordmotor ‘’pingelt’’, gebruik dan een ander merk brandstof of ongelode super benzine.
Algemene informae
Ongelode Euro 95
Benzine
5
Algemene informae
Motorolie
OPMerking
Wanneer het voorgeschreven olietype niet beschikbaar, kan op basis van de buitentemperatuur, een alternaef met
behulp van onderstaande tabel uitgezocht worden:
Aanbevolen motorolie:
Viertakt motorolie die voldoet aan de volgende SAE en API classicaes:
Motorolie classicae SAE: SAE 10W-30 of 10W-40
Motorolie classicae API: SE,SF,SG,SH,SJ, SL
Motorolie hoeveelheid (zonder olielter): 0,5 L
10W-40
6
Basis onderdelen
leT OP
Alle viertakt buitenboordmotoren worden vanaf de fabriek geleverd zonder motorolie.
Keuze van de schroef
De prestaes van iedere buitenboordmotor zijn in grote mate aankelijk van de juiste schroef. Een verkeerde schroef
hee niet alleen een negaeve invloed op de prestaes, maar kan ook ernsge motorschade veroorzaken. Het toerental
van de buitenboordmotor is aankelijk van de afmengen van de schroef, de spoed daarvan en de belasng van de
boot. Wanneer het toerental te hoog of te laag is voor de motor, zal deze niet opmaal presteren. In het algemeen is
voor zware belasngen een kleine spoed beter geschikt, omdat hiermee beter het juiste toerental kan worden bereikt.
Een schroef met een grotere spoed is weer beter geschikt voor een lage belasng.
1. Diameter van de schroef
2. Spoed van de schroef
3. Schroef type
OPMerking
Kies een schroef waarmee de buitenboordmotor het middelste of de bovenste hel van het toerental haalt met het gas
volledig open en een maximale boot belasng. Wanneer het motor toerental onder bepaalde omstandigheden (zoals een
minimale boot belasng) boven het maximum toegelaten toerental uitkomt, neem dan gas terug om de buitenboordmotor
in het toegelaten toerenbereik te houden.
7
Basisonderdelen
OPMerking
Aeelding kan afwijken van de werkelijkheid. Sommige onderdelen zijn niet standaard op alle uitvoeringen.
1. Motorkap
2. Sluing Motorkap
3. Handgreep
4. Stelschroef
5. Ancavitaeplaat
6. Schroef
7. Inlaat koelwater
8. Trimbeugel
9. Klembeugel
10. Stuurhendel
11. Venlaeschroef
12. Tankdop
13. Starthandgreep
14. Noodstopschakelaar/stopschakelaar
15. Klemschroef
16. Oog voor kabel
17. Tankaansluing
18. Chokeknop
19. Schakelhevel
20. Brandstoank
10
9
8
7
11
12
13
2
14
21
15
20
1
2
3
4
19
18
17
16
5
6
8
Basisonderdelen
Brandstoank
De buitenboordmotor is voorzien is van een ingebouwde brandstoank, die de volgende onderdelen kent:
1. Tankdop
2. Venlaeschroef
3. Ingebouwde brandstoank
Tankdop
Sluit de brandstoank af. Om de tankdop te openen deze tegen de klok in draaien.
Venlaeschroef
Bevindt zich op de tankdop. Om de venlaeschroef te openen deze tegen de klok indraaien.
Brandstoraan
Sluit of opent de toevoer van de brandstof uit de ingebouwde brandstoank
1. Brandstoraan
De brandstoraan hee twee standen: een om toevoer uit de ingebouwde tank
te selecteren, een voor een losse brandstoank. Met de kraan in deze posie kan er brandstof
naar de carburateur stromen. Voor normaal gebruik dient de kraan in deze stand te staan.
9
Basisonderdelen
‘’OPEN’’ stand bij gebruik van een losse tank.
‘’OPEN’’ stand voor de ingebouwde brandstoank
Stuurhendel
Beweeg de stuurhendel naar links of rechts om van richng te veranderen.
.
Schakelhendel
De buitenboordmotor hee drie schakelstanden: Vooruit (Forward:F), Neutraal (N) en Achteruit (Reverse R). Om te
schakelen gashendel dicht draaien om het toerental eerst terug brengen naar staonair toerental. Schakel de gewenste
posie in met een snelle beweging.
1. Vooruit (Forward:F)
2. Neutraal (N)
3. Achteruit (Reverse R).
Gashendel
Het gashendel bevindt zich op de stuurstang. Draai het gashendel tegen de klok in
10
om de snelheid te verhogen, met de klok mee om snelheid te verminderen.
Stelknop frice gashendel
De bedieningskracht nodig voor het draaien van het gashendel kan met deze stelschroef ingesteld worden naar eigen
voorkeur. Draai de stelschroef met de klok mee om het gashendel zwaarder te laten draaien, tegen de klok in om het
gashendel lichter te laten draaien.
1. Stelschroef
2. Noodstopschakelaar koord
WaarsChuWing
Draai de stelschroef niet te strak aan. Wanneer deze te strak staat kan het moeilijk zijn om het gashendel dicht te draaien,
wat een ongeval tot gevolg kan hebben. Wanneer een constante snelheid gewenst is, kan de schroef aangedraaid worden
op de gewenste stand van het gashendel.
Noodstopschakelaar veiligheidskoord
De buitenboordmotor zal alleen funconeren wanneer de noodstopschakelaar geborgd is met het borgplaatje.
Het borgplaatje is verbonden aan het veiligheidskoord. Bevesg het veiligheidskoord aan een stevig deel van uw
kleding, arm of been. Wanneer u de stuurstand verlaat, of overboord slaat zal het koord het borgplaatje los van de
noodstopschakelaar trekken, waarna de noodstop in werking treedt. Dit voorkomt dat de boot door kan varen zonder
bestuurder.
WaarsChuWing
Bevesg het veiligheidskoord aan een stevig deel van uw kleding, arm of been. Bevesg het veiligheidskoord niet aan een
deel van de kleding dat makkelijk kan afscheuren. Let er op dat het veiligheidskoord nergens achter kan blijven haken,
waardoor het niet meer kan funconeren. Voorkom dat het veiligheidskoord ongewild los schiet jdens normaal gebruik.
Wanneer het motorvermogen weg valt kan de boot onbestuurbaar worden en abrupt snelheid verliezen. Dit kan er voor
zorgen dat personen en voorwerpen in de boot naar voren geslingerd worden.
OPMerking
De buitenboordmotor kan niet gestart worden wanneer het borgplaatje van de noodstopschakelaar verwijderd is.
Basisonderdelen
11
Basis onderdelen
Stop knop
Knop indrukken om de buitenboordmotor te laten stoppen. Bij het indrukken wordt de ontsteking uitgeschakeld en zal
de motor sl vallen.
Chokeknop
Chokeknop uirekken om het brandstofmengsel rijker te maken bij het starten.
Startgreep
Om de buitenboordmotor te starten de startgreep eerst rusg uirekken tot een weerstand voelbaar is. Vervolgens de
startgreep in een snelle beweging recht naar u toe te trekken.
Stuurweerstand versteller
De wrijving en daarmee de weerstand waarmee de buitenboordmotor om zijn as draait, kan ingesteld worden. Door de
versteller strakker of losser te draaien kan de weerstand naar eigen voorkeur ingesteld worden.
Draai de versteller met de klok mee om de weerstand te verhogen
Draai de versteller tegen de klok in om de weerstand te verlagen
WaarsChuWing
Draai de versteller niet te strak aan. Wanneer de weerstand te hoog ingesteld wordt, kan het moeilijk zijn om te sturen
wat een ongeval als gevolg kan hebben.
12
Gebruik
Blokkeerpen
Met de blokkeerpen kan de minimale trimhoek van de buitenboordmotor ten opzichte van de spiegel van de boot
ingesteld worden.
Kantelblokkeerhevel
Om de buitenboordmotor in de omhoog gekantelde posie te houden, moet de kantelblokkeerhevel op de klembeugel
geplaatst worden. Til de hevel om de motor te ontgrendelen.
Vergrendeling afdekkap
Om de afdekkap te ontgrendelen, de beugel omhoog en van de kap af trekken. Let er bij het terugplaatsen op, dat de
afdekkap goed in de rubberen afdichng valt. Vergrendel de kap door de beugel omhoog en over de haak te trekken.
13
Gebruik
Gebruik de kantelblokkeerinrichng niet jdens het vervoer van de buitenboordmotor. Door de bewegingen jdens het
transport kan de vergrendeling losschieten. Wanneer de buitenboordmotor niet in de normale posie vervoerd kan
worden, gebruik dan een extra ondersteuning om de motor in de gekantelde posie te vervoeren.
Vergrendeling afdekkap
Vergrendeling bovenste afdekkap
Om de afdekkap te ontgrendelen, de beugel omhoog en van de kap af trekken. Let er bij het terugplaatsen op, dat de
afdekkap goed in de rubberen afdichng valt. Vergrendel de kap door de beugel omhoog en over de haak te trekken.
1. Vergrendeling afdekkap.
Draaggreep
Aan de achterzijde van de buitenboordmotor is een draaggreep geplaatst die het mogelijk maakt de motor met één
hand te dragen.
1. Draaggreep
14
Gebruik
Installae
leT OP
Een verkeerde diepgang van de buitenboordmotor of obstruces voor een goede waterstroom langs de romp (bijvoorbeeld
door accessoires als zwemtrappen, dieptemeters of de construce van de romp) kunnen voor opspaend water zorgen. Er
kan ernsge motorschade ontstaan wanneer de motor connu gebruikt wordt bij een opspaende waternevel.
OPMerking
Controleer de posie van de buitenboordmotor met een maximaal beladen boot. Controleer met slliggende boot of
de buitenboordmotor dan niet zo laag hangt, dat de uitlaat van het koelwater onder water staat of dat golven over de
buitenboordmotor kunnen slaan.
Plaatsing van de buitenboordmotor
WaarsChuWing
Een te hoog vermogen voor de boot kan ernsge instabiliteit tot gevolg hebben. Gebruik geen buitenboordmotor
met meer vermogen dan het maximum toegestane vermogen waarvoor de boot goedgekeurd is. Is dit maximale
vermogen niet bekend, neem dan contact op met de producent van de boot
De hier gegeven informae is uitsluitend ter informae bedoeld. Het is onmogelijk om volledige instruces te
geven voor iedere mogelijke combinae van boot en buitenboordmotor. Een juiste installae hangt gedeeltelijk
af van ervaring en de specieke combinae van buitenboordmotor en boot. Een verkeerde installae van de
buitenboordmotor kan gevaarlijke gevolgen hebben waaronder slechte vaareigenschappen, verlies van controle over
de boot of brandgevaar. Houd rekening met het volgende:
Permanent geïnstalleerde buitenboordmotoren dienen door de dealer of door een ervaren technicus geplaatst
te worden. Wanneer u de motor zelf plaatst, moet u eerst in de juiste procedures door een ervaren technicus
onderricht worden
Voor draagbare modellen geldt dat uw dealer of een ervaren technicus u de juiste procedures moet laten zien
Plaats de buitenboordmotor op de kiellijn van de boot en zorg ervaar dat de boot zelf goed in balans is, is dit niet het
geval dan zal de boot moeilijk zijn te sturen. Raadpleeg uw dealer voor de installae bij boten die geen kiel (-lijn)
hebben of die een asymmetrische romp hebben.
1. Kiellijn
15
Spiegelhoogte
Om uw boot zo eciënt mogelijk te laten varen, moet de romp- en motorweerstand in het water zo laag mogelijk
zijn. De hoogte van de spiegel en de posie van de buitenboordmotor hebben een grote invloed op deze weerstand.
Wanneer de buitenboordmotor te hoog geplaatst wordt, dan kan dat slip van de schroef en een te hoog toerental
veroorzaken. Hierdoor ontstaat vermogens- en stuwverlies en oververhing. Wanneer de buitenboordmotor te laag
hangt, zal de weerstand in het water toenemen en de maximale snelheid afnemen. Plaats de buitenboordmotor zodanig
dat de ancavitaeplaat 0 tot 25 mm dieper in het water hangt dan de onderkant van de romp.
OPMerking
De opmale plaatsingshoogte van de buitenboordmotor hangt af van de combinae van buitenboordmotor en boot
en het gebruik van de boot. Door de motor op verschillende hoogtes te plaatsen kunt u testen welke posie de beste
resultaten gee. Neem contact op met de producent van de boot voor de juiste plaatsingshoogte.
Vastzeen van de buitenboordmotor
1. Plaats de buitenboordmotor zodanig op de spiegel dat deze zich zo nauwkeurig mogelijk op de kiellijn (aslijn) van
de romp bevindt. Draai de klemschroeven stevig vast. Controleer regelmag of de klemschroeven nog vast zien,
omdat deze door motortrillingen los kunnen gaan zien.
WaarsChuWing
De buitenboordmotor kan van plaats verschuiven of zelfs van de spiegel vallen wanneer de klemschroeven los gaan zien.
Dit kan verlies van controle over de boot of zelfs ernsg letsel veroorzaken. Verzeker u ervan dat de klemschroeven vast
zien en controleer de klemschroeven ook regelmag onder het varen.
Gebruik
Onderzijde boot
Ancavitaeplaat
0-25mm (0-1in)
16
2. Wanneer de buitenboordmotor is voorzien van een oog voor een veiligheidskabel, gebruik dit dan om een
veiligheidskabel of keng aan vast te maken. Bevesg het andere eind van de kabel of keng aan een stevig punt op de
boot. Wanneer de buitenboordmotor per ongeluk los van de spiegel raakt, zorgt deze veiligheidskabel of keng ervoor
dat de buitenboordmotor niet geheel in het water valt en zinkt.
Inloopperiode
Uw nieuwe buitenboordmotor hee een inloopperiode nodig waarbinnen de verschillende onderdelen op elkaar in
kunnen slijten. Het juiste gebruikt jdens de inloopperiode is van esseneel belang voor de levensduur en prestaes.
leT OP
Het niet opvolgen van de instruces voor de inloopperiode kan ernsge motorschade en een verkorte levensduur als
gevolg hebben. Deze schade wordt niet gedekt in de garane
Procedure voor viertakt uitvoeringen
Belast de buitenboordmotor (ingeschakeld en voorzien van een schroef) als volgt:
1. Gedurende het eerste draaiuur: Laat de motor maximaal 3.000 tpm. draaien, dit is ongeveer halfgas.
2. Gedurende het tweede draaiuur: Laat de motor maximaal 4.000 tpm. draaien, dit is ongeveer driekwart gas.
3. Gedurende de hierop volgende acht draaiuren: Voorkom dat de buitenboordmotor langer dan 5 minuten achter
elkaar met vol gas belast wordt
4. Na de eerste 10 draaiuren: De buitenboordmotor kan normaal belast worden.
Voor het starten
WaarsChuWing
Wanneer een van de hierna genoemde onderdelen niet geheel correct funconeert, laat het dan nakijken of repareren
voordat de buitenboordmotor gebruikt wordt. Een ongeval kan anders een gevolg zijn.
leT OP
Start de buitenboordmotor nooit wanneer deze uit het water is. Dit kan oververhing en ernsge motorschade tot gevolg hebben.
Brandstof
Verzeker u ervan dat u over genoeg brandstof voor de vaart beschikt
Verzeker u ervan dat er geen brandstof lekkages zijn en geen brandstof dampen
Bedieningsorganen
Controleer of het gashendel en de stuurinrichng goed funconeren voor het starten
De bediening ervan moet soepel gaan, mag niet blijven hangen of te veel vrije slag hebben
Controleer of er geen losse of gebroken bevesgingen zijn
Controleer de werking van de starter en stopknop wanneer de buitenboordmotor in het water hangt
Motor
Controleer de motor en de motorophanging
Controleer of er geen losse of beschadigde bevesgingen zijn
Controleer de schroef op schade
Gebruik
17
Motoroliepeil
Zet de buitenboordmotor in een rechte posie (niet gekanteld)
Controleer het motoroliepeil via de olievuldop. Het niveau moet tussen de beide merktekens liggen.
Vul olie bij wanneer het niveau onder het onderste merkteken ligt. Nooit meer vullen dan tot het hoogste
merkteken, te veel olie moet afgetapt worden.
1. Oliepeilstok
1. Oliepeilstok
2. Minimaal niveau
3. Maximaal niveau
Brandstof tanken (ingebouwde tank)
WaarsChuWing
Benzine en benzinedampen zijn zeer brandbaar en explosief. Houd afstand van vonken, sigareen, open vuur en andere
ontstekingsbronnen.
1. Kantel de buitenboordmotor omlaag naar de vercale posie. Draai de tankdop los.
2. Vul voorzichg de tank.
3. Draai de tankdop stevig vast, veeg gemorste brandstof direct weg.
Gebruik
Inhoud brandstoank:
1,1 liter
18
Brandstooevoer openen
WaarsChuWing
Verzeker u ervan dat de boot stevig vast ligt en dat u voldoende ruimte hee om te manoeuvreren voordat u de
motor start. Verzeker u ervan dat er geen zwemmers in de nabijheid zijn.
Wanneer de venlaeschroef op de tankdop geopend wordt, zal er benzinedamp vrijkomen. Benzine en
benzinedampen zijn zeer brandbaar en explosief. Houd afstand van vonken, sigareen, open vuur en andere
ontstekingsbronnen wanneer u de venlaeschroef opent.
Deze buitenboordmotor produceert uitlaatgassen waaronder het giige koolmonoxide, een kleurloos, geurloos gas
waarvan inademing kan leiden to bewusteloosheid en zelfs de dood. Symptomen van koolmonoxidevergiiging zijn
onder meer misselijkheid, duizeligheid en slaperigheid. Zorg er voor dat de cabine en stuurstand goed gevenleerd
worden. Voorkom een geblokkeerde uitlaat
1. Open de venlaeschroef op de tankdop één slag.
2. Open de benzinekraan
2. Knijp in de balgpomp tot er een weerstand voelbaar is (losse tank)
Gebruik
19
Motor starten
WaarsChuWing
Start de buitenboordmotor aljd in neutraal, om te voorkomen dat de boot ongewild gaat varen.
1. Zet de schakelhevel in de stand neutraal.
2. De buitenboordmotor is voorzien van noodstopschakelaar en een veiligheidskoord, bevesg het koord aan een
stevig deel van uw kleding of aan een arm of been. Plaats vervolgens het borgingsplaatje in de noodstopknop.
WaarsChuWing
Bevesg het veiligheidskoord aan een stevig deel van uw kleding, arm of been. Bevesg het veiligheidskoord niet
aan een deel van de kleding dat makkelijk kan afscheuren. Let er op dat het veiligheidskoord niet ergens achter kan
blijven haken, waardoor het niet meer kan funconeren.
Voorkom dat het veiligheidskoord ongewild los schiet jdens normaal gebruik. Wanneer het motorvermogen weg
valt kan de boot onbestuurbaar worden en abrupt snelheid verliezen. Dit kan er voor zorgen dat personen en
voorwerpen in de boot naar voren geslingerd worden.
3. Draai het gashendel naar de ‘’START’’ posie.
4. Trek de chokeknop helemaal uit. Wanneer de motor aangeslagen is, de chokeknop weer terugschuiven naar de
‘’RUN’’ posie.
Gebruik
20
OPMerking
Bij een warme motor hoe de chokeknop niet gebruikt te worden.
Wanneer de chokeknop bij een draaiende motor in de ‘’START’’ posie blij staan, zal de motor onregelmag lopen
of afslaan.
5. Trek voorzichg aan de startgreep tot u weerstand voelt. Trek dan in een krachge en snelle beweging recht naar u
toe om de motor te starten.
6. Laat de startgreep hierna niet los, maar laat het startkoord zich geleidelijk oprollen.
7. Draai het gashendel langzaam terug naar de volledig gesloten posie.
OPMerking
Een koude motor moet eerst warm draaien.
Wanneer de motor niet aanslaat na de eerste poging, herhaal dan de startprocedure. Wanneer de motor na 4 of 5
keer starten niet aanslaat. Open dan het gashendel ongeveer 1/8 tot ¼ en probeer het opnieuw. Wanneer een warme
motor niet wil aanslaan, volg dan dezelfde procedure.
Motor warm draaien
1. Nadat de motor aangeslagen is, de chokeknop ongeveer halverwege inschuiven. Warm de motor circa 5 minuten
lang na het starten op door maximaal 1/5 of minder gas te geven. Wanneer de motor op bedrijfstemperatuur is,
moet de chokeknop geheel ingeschoven worden. Wanneer dit nagelaten wordt, zal de levensduur van de motor
afnemen.
2. Controleer of er water uit de wateruitlaat stroomt.
OPMerking
Wanneer de chokeknop niet teruggeschoven wordt, zal de motor afslaan.
Bij buitentemperaturen lager dan -5°C moet de chokeknop nadat de motor aangeslagen is, nog circa 30 seconden
uitgetrokken blijven.
Gebruik
21
leT OP
Een constante waterstroom uit de wateruitlaat toont aan dat de waterpomp het koelwater rond pompt. Wanneer er geen
water uit de uitlaat stroomt terwijl de motor draait, kan deze oververhit raken met ernsge motorschade als gevolg. Stop
in dat geval onmiddellijk de motor en controleer of de waterinlaat geblokkeerd is en maak deze vrij. Wanneer dat niet het
geval is, neem dan contact met uw dealer op.
Schakelen
WaarsChuWing
Verzeker u ervan voor het schakelen, dat er zich geen zwemmers of obstakels in de nabijheid bevinden.
leT OP
Sluit aljd eerst het gas, zodat de motor staonair loopt voordat u van vooruit naar achteruit schakelt en viceversa.
Vooruit of achteruit
1. Draai het gashendel naar de volledig gesloten posie.
2. Verplaats de schakelhevel in een stevige, snelle beweging van neutraal naar vooruit.
Gebruik
22
WaarsChuWing
Wanneer u achteruit vaart, doe dat dan langzaam. Geef niet meer dan half gas. De kans bestaat dat de boot onstabiel
raakt en niet meer onder controle kan worden gehouden, met een mogelijk ongeval als gevolg.
Motor afzeen
Laat de motor enkele minuten staonair lopen of de boot met lage snelheid varen voordat de motor afgezet wordt Het
wordt niet aanbevolen om de motor nadat er met hoge snelheid is gevaren, direct af te zeen.
Procedure
1. Druk de stopschakelaar in, totdat de motor volledig tot slstand is gekomen.
2. Draai nadat de motor gestopt is de venlaeschroef op de tankdop dicht en zet de benzinekraan (indien aanwezig)
in de gesloten posie.
OPMerking
Wanneer de buitenboordmotor voorzien is van een noodstopschakelaar met veiligheidskoord, kan de motor ook afgezet
worden door aan het veiligheidskoord te trekken en daarmee het borgingsplaatje uit de schakelaar te trekken.
Afstellen van de trimhoek
De trimhoek van de buitenboordmotor bepaalt mede de posie van de boeg in het water. Een correcte trimhoek
verbetert de prestaes, verlaagt het brandstofverbruik en belast de motor minder. De juiste trimhoek hangt af van
de combinae boot, buitenboordmotor en schroef. De correcte trimhoek wordt ook beïnvloed door variabelen als de
vaarsnelheid en goloogte.
WaarsChuWing
Een verkeerde trimhoek (zowel te klein als te groot) kan instabiliteit van de boot veroorzaken en het sturen bemoeilijken.
Hierdoor wordt de kans op een ongeval verhoogd. Verlaag de snelheid wanneer de boot onstabiel begint aan te voelen,
moeilijk te sturen is of niet meer koersvast is en stel de trimhoek bij.
Trimhoek instellen
In de klembeugel bevinden zich 4 of 5 gaten voor het instellen van de trimhoek.
1. Stop de buitenboordmotor.
2. Kantel de buitenboordmotor iets omhoog en draai de blokkeerpen los.
Gebruik
23
3. Plaats de blokkeerpen in de gewenste stand
Om de boeg omhoog te brengen, de blokkeerpen verder van de klembeugel plaatsen.
Om de boeg omlaag te brengen, de blokkeerpen dichten bij de klembeugel plaatsen.
Maak enkele testvaarten om te ondervinden welke stand het beste bij de boot en het gebruik daarvan past.
WaarsChuWing
Zet de motor uit voordat u de trimhoek wijzigt. Kijk uit dat er geen lichaamsdelen bekneld raken bij het losdraaien of
vastzeen van de blokkeerpen. Vaar voorzichg wanneer de trimhoek net gewijzigd is. Verhoog geleidelijk de snelheid en
let op of de boot niet instabiel wordt. Een verkeerde trimhoek kan de koersvastheid negaef beïnvloeden.
OPMerking
De trimhoek van de buitenboordmotor verandert met circa 4 graden wanneer de blokkeerpen één stand van posie wijzigt.
Boorim instellen
Wanneer de boot planeert, zorgt een opwaartse posie van de boeg voor minder weerstand, hogere stabiliteit en
eciënt gebruik van het motorvermogen. In het algemeen moet de kiel van de boot daarvoor onder een opwaartse
hoek van 3 tot 5 graden staan. Met de boeg omhoog, kan de boot een sterkere neiging hebben om naar links of rechts
te trekken. Compenseer dit door bij te sturen. Met het verstellen van de trimplaat (indien aanwezig) kan dit eect ook
verminderd worden. Wanneer de boeg laag ligt, is het makkelijker om van slstand naar planeren te versnellen.
Boeg te hoog
Een te grote trimhoek drukt de boeg te ver omhoog en de achterzijde naar beneden. De prestaes en het verbruik
verslechteren omdat de romp te veel water moet verplaatsen en de luchtweerstand groter wordt. Bovendien kan de
schroef lucht slaan en de boot kan gaan slaan op het water, waardoor de bestuurder en passagiers overboord kunnen
slaan.
Boeg te laag
En te kleine trimhoek laat de romp ‘’ploegen’’ door het water, omdat de boeg wil duiken.
Accelereren wordt moeilijk en het brandstofverbruik sjgt. Bij hogere snelheden wordt de boot instabiel.
De weerstand in het water neemt toe, waardoor de koersvastheid afneemt en de boot moeilijk te sturen is.
Gebruik
24
OPMerking
Aankelijk van het type boot, kan het verstellen van de trimhoek van de buitenboordmotor weinig eect op de trim van
de boot hebben.
Omhoog en omlaag kantelen
Wanneer de motor gestopt wordt of wanneer de boot in ondiep water afgemeerd wordt, moet
de buitenboordmotor omhoog gekanteld worden om de schroef en staartstuk te beschermen tegen zout water corrosie
en de kans op aanvaringen.
WaarsChuWing
Verzeker u ervan dat geen omstanders zijn wanneer de buitenboordmotor omhoog gekanteld wordt en dat er geen
lichaamsdelen bekneld raken tussen de motor en de klembeugel.
WaarsChuWing
Lekkende brandstof kan brand veroorzaken. Draai de venlaeschroef op de tankdop dicht wanneer de buitenboordmotor
omhoog gekanteld wordt om te voorkomen dat er brandstof lekt.
leT OP
Volg de procedure ‘’motor afzeen’’ voordat u de buitenboordmotor omhoog kantelt. Kantel de buitenboordmotor
nooit met draaiende motor. Ernsge motorschade als gevolg van oververhing kan het resultaat zijn.
Probeer nooit de motor te kantelen door het gashendel neer te drukken, deze kan als gevolg daarvan breken.
Zorg ervoor dat het motorgedeelte zich aljd hoger bevindt dan de schroef, om te voorkomen dat er water in de
cilinder loopt en motorschade veroorzaakt.
De buitenboordmotor kan niet gekanteld worden wanneer deze in de stand ‘’Reverse’’ (achteruit) staat.
Onderhoud
25
Onderhoud
Procedure voor het omhoog kantelen
1. Stop de motor. Plaats de schakelhevel in de stand ‘’Neutral’’ (Neutraal).
2. Draai de stuurweerstand versteller aan, om te voorkomen dat de motor vrij kan draaien.
3. Draai de venlaeschroef op de tankdop dicht.
4. Draai de brandstoraan dicht.
26
Onderhoud
5. Automasche vergrendeling: pak de handgreep vast en kantel de buitenboordmotor geheel naar voren.
De vergrendeling zal automasch in werking treden en vergrendelt de buitenboordmotor in de gekantelde posie.
Procedure voor het omlaag kantelen
1. Trek de buitenboordmotor een iets naar u toe.
2. Til de vergrendeling iets op en laat de motor voorzichg zakken.
3. Draai de versteller van de stuurweerstand los door deze linksom te draaien. Stel de versteller vervolgens
af naar de eigen voorkeur.
27
Technische specicaes
Afmengen:
Lengte: 717 mm
Breedte: 361 mm
Hoogte: 1029 mm (kortstaart)
1156 mm (langstaart)
Spiegelhoogte: 567 mm
Gewicht: 22,0 Kg (kortstaart)
24,0 Kg (langstaart)
Prestaes:
Toerental bij vol gas: F4 4.500 - 5.500 tpm
Maximum vermogen: F 4 2,9 kW/4 pk - 5.500 tpm
Staonair toerental
(in neutraal): 1.800 - 2.000 tpm
Motortype: viertakt
Cilinderinhoud: 112 cc
Boring x slag: 59,0 x 41,0 mm
Ontsteking: TCI
Bougie: NGK BR6HS / Denso W20FSR-U
Elektrodeafstand bougie: 0,8 - 1,0 mm
Koelsysteem: waterkoeling
Startsysteem: handstart
Carburae: met choke
Klepspeling (koude motor): inlaatklep 0,08 - 0,12 mm
uitlaatklep 0,08 - 0,12 mm
Versnellingsbak:
Drie posies: vooruit-neutraal-achteruit
Overbrengingsverhouding: 2.08 (27/13)
Trim en kantelsysteem: handmag
Brandstof en olie:
Aanbevolen benzine: ongelood normaal
Tankinhoud: 1,1 liter (ingebouwde tank)
Aanbevolen motorolie
Classicae API: API SE, SF, SG, SH, SJ, SL
Aanbevolen motorolie
Classicae SAE: SAE 10W30 of SAE 10W40
Smeersysteem: oliepomp
Motorolie inhoud: 0,5 liter
Aanbevolen staartstukolie: hypoïd olie SAE 90
Staartstukolie inhoud: 100 cc
Aanhaalmomenten:
Bougie: 25Nm (2,5 kgm)
Schroef moer: 18 Nm (1.84 kgm)
Onderhoud
28
Transport en opslag van de buitenboordmotor
WaarsChuWing
LEKKENDE BRANDSTOF KAN BRAND VEROORZAKEN
Voor de buitenboordmotor omhoog gekanteld of op de zijkant gelegd wordt:
Sluit de venlaeschroef en benzinekraan wanneer de buitenboordmotor vervoerd of opgeslagen wordt om lekkage
van brandstof te voorkomen.
WEES VOORZICHTIG met het vervoeren van de losse brandstoank, ongeacht of dat in een boot of auto plaats vindt
Vul tanks NOOIT tot de maximale capaciteit. Benzine zet uit wanneer het warmer wordt en kan druk in de tank
veroorzaken. Dit kan lekkage en mogelijke brandgevaar veroorzaken.
WaarsChuWing
Begeef u nooit onder de buitenboordmotor. Wanneer de motor valt kan dit ernsg letsel veroorzaken.
leT OP
Gebruik de kantelblokkeerinrichng niet jdens het vervoer van de buitenboordmotor aan de boot. Door de bewegingen
jdens het transport kan de vergrendeling losschieten. Wanneer de buitenboordmotor niet in de normale posie vervoerd
kan worden, gebruik dan een extra ondersteuning om de motor in de gekantelde posie te vervoeren.
De buitenboordmotor moet vervoerd en opgeslagen worden in de normale vercale posie. Wanneer er onvoldoende
afstand is tot de weg in deze posie, mag de buitenboordmotor alleen in de gekantelde posie vervoerd worden
wanneer de buitenboordmotor voorzien wordt van extra daarvoor bedoelde ondersteuning.
Uitvoering met klemschroeven
Wanneer de motor vervoerd of opgeslagen moet worden, doe dit dan volgens de onderstaande aeeldingen.
Onderhoud
29
OPMerking
Leg een handdoek of andere bescherming onder de buitenboordmotor om schade te voorkomen.
Opslag van de buitenboordmotor
Wanneer de buitenboordmotor voor een langere periode (meer dan 2 maanden) opgeslagen wordt,
moeten de volgende belangrijke procedures gevolgd worden om schade te voorkomen.
WaarsChuWing
Om te voorkomen dat motorolie vanuit het carter in de cilinder loopt, mag de buitenboordmotor uitsluitend in die
hier afgebeelde posies vervoerd en opgeslagen worden. Wanneer de buitenboordmotor op zijn kant opgeslagen
wordt, moet eerste de motorolie afgetapt worden.
Laat eerst al het koelwater uit de buitenboordmotor weglopen, voordat deze op zijn kant gelegd wordt,
omdat anders koelwater in de cilinder zou kunnen lopen en daardoor schade veroorzaakt.
Sla de buitenboordmotor op in een droge, goed gevenleerde ruimte, niet in direct zonlicht.
Spoelen in een tesank
leT OP
Start de motor nooit zonder koelwatertoevoer. De waterpomp zal beschadigd raken en motorschade als gevolg van
verhing kan het gevolg zijn. Voordat de motor gestart wordt moet er zich water in de waterkanalen bevinden.
1. Reinig de buitenkant met schoon zoet water.
2. Sluit de brandstoraan. Sluit de venlaeschroef in de tankdop.
3. Verwijder de afdekkap.
4. Plaats de buitenboordmotor in een tesank.
1= Aanbevolen waterniveau
2= Laagste waterniveau
Onderhoud
he test tank.
Maintenance
1
2
30
5. Vul de tank met schoon zoetwater met het minimum niveau boven de an฀cavita฀eplaat.
leT OP
Wanneer het waterniveau in de tes฀ank te laag is (beneden de an฀cavita฀eplaat) en wanneer de koelwatertoevoer niet
voldoende is, kan de motor vastlopen.
6. Laat de motor enkele minuten in de neutraal posi฀e sta฀onair draaien.
WaarsChuWing
Raak geen elektrische onderdelen aan wanneer de motor gestart wordt of ฀jdens het gebruik ervan.
Houd handen, haar en kleding vrij van het vliegwiel en andere draaiende delen van de motor wanneer deze loopt.
7. Spuit preserveringsolie in de carburateur vlak voordat de motor afgezet wordt. Wanneer dit op de juiste manier
gebeurt, zal de motor gaan roken en bijna afslaan.
OPMerking
Het is essen฀eel dat de waterkanalen gespoeld worden om te voorkomen dat deze verstopt raken met zout, zand of
vuil. Gebruik preserveringsolie om motorschade door roestvorming te voorkomen. Spoel de waterkanalen en gebruik de
preserveringsolie op hetzelfde moment.
8. Wanneer geen preserveringsolie beschikbaar is, laat de motor dan met verhoogd sta฀onair toerental lopen
tot dat de brandstof op is en de motor stopt.
9. Plaats een opvangbak onder de carburateur, verwijder de stop en draai vervolgens de a฀apschroef
van de carburateur los en laat deze leeglopen.
10. Breng de a฀apschroef weer aan en draai deze vast. Breng de stop weer aan.
11. Wanneer er geen preserveringsolie voorhanden is, draai dan de bougie los. Giet vervolgens een theelepel
schone motorolie in de cilinder. Draai de motor handma฀g enige keren rond. Monteer de bougie weer.
12. Breng de afdekkap aan.
13. Neem de motor uit de tes฀ank.
14. Laat al het koelwater weglopen. Reinig zorgvuldig de buitenkant.
Onderhoud
31
Smering
1. Vet het schroefdraad van de bougie in en monteer de bougie met het juiste aanhaalmoment.
2. Vervang de staartstukolie. Controleer of er zich geen water in de olie bevindt wat op een lekke pakking kan wijzen.
3. Smeer alle draaipunten.
Schoonmaken van de buitenboordmotor
Was de buitenboordmotor na gebruik met schoon water. Spoel het koelsysteem met schoon water.
Gelakte oppervlakten
Inspecteer de buitenboordmotor op krassen, deuken en a฀ladderende verf. Beschadigde oppervlakten zullen eerder
corroderen. Maak zo nodig de beschadigingen schoon en lak ze opnieuw.
Periodiek onderhoud
WaarsChuWing
Zet al฀jd de motor af voordat er onderhoud aan uitgevoerd wordt, tenzij nadrukkelijk anders vermeld. Wanneer u of de
eigenaar geen voldoende technische kennis hebt, laat het onderhoud dan door uw dealer of een daartoe gekwali฀ceerde
technicus uitvoeren.
Onderdelen
Wanneer er onderdelen nodig zijn, gebruik dan uitsluitend originele onderdelen of onderdelen van hetzelfde type,
kwaliteit en materiaal. Onderdelen van mindere kwaliteit dan origineel kunnen storingen veroorzaken. Het gevolg
daarvan kan zowel de bestuurder als de inzi฀enden in gevaar brengen, omdat de controle over de boot verloren kan
raken. Originele onderdelen en accessoires zijn via uw dealer verkrijgbaar.
Onderhoud
32
Onderhoudschema
De frequen฀e van het onderhoud kan aangepast worden aan het gebruik van de buitenboordmotor. De onderstaande
tabel dient hiervoor als algemene leidraad. Raadpleeg de betre฀ende hoofdstukken voor de onderhoudsprocedures die
u zelf kunt uitvoeren.
Wanneer de buitenboordmotor gebruikt wordt in zout, troebel of modderig water, moet deze na ieder gebruik met
schoon water gespoeld worden.
Het l symbool gee฀ aan dat u deze handeling (desgewenst) zelf kunt uitvoeren
Het ¡ symbool gee฀ aan dat deze handeling door de dealer uitgevoerd moet worden
Onderdeel Ac฀e
Eerste Iedere
10 uur
(1 maand)
50 uur
(3 maanden)
100 uur
(6 maanden)
200 uur
(1 jaar)
Anode(s) Controleren/vervangen l/¡l/¡
Waterkanalen Reinigen l l
Klembeugel Controleren l
Brandsto฀lter
(in de ingebouwde tank) Controle/reinigen ¡
Brandstofsysteem Controle l l l
Brandsto฀ank
(ingebouwde tank) Controle/reinigen ¡
Staartstukolie Verversen l l
smeerpunten smeren l
Sta฀onair toerental Controleren l/¡l/¡
Schroef/splitpen Controleren/vervangen l l
Schakelmechanisme Controleren/afstellen ¡
Thermostaat Controleren/afstellen ¡
Gashendel/gaskabel/
afstelling Controleren/afstellen ¡
Waterpomp Reinigen/afstellen/
vervangen ¡
Motorolie Controleren/verversen l l
Bougie(s) Controleren/afstellen/
vervangen l l
Klepspeling
Uitlaatpoort/ Controleren/afstellen ¡ ¡
spruitstuk Controleren/vervangen ¡
Onderhoud
33
Smering
Waterbestendig vet
Bougie schoonmaken en afstellen
WaarsChuWing
Pas op dat u de porseleinen isolator niet beschadigt bij het losschroeven of vastze฀en. Een beschadigde isolator
kan vonken en daarmee brand of een explosie veroorzaken.
De bougie vormt een belangrijk deel van de motor en is eenvoudig te controleren. De staat en kleur van de bougie gee฀
bovendien een indica฀e van de condi฀e van de motor. Wanneer bijvoorbeeld de centrale elektrode aan de binnenkant
van de bougie erg wit is, wijst dit op een mogelijk lek in de luch฀nlaat of een carbura฀eprobleem. Neem in dat geval
contact op met uw dealer. Neem regelma฀g de bougie los en controleer deze op koolafze฀ng en de staat van de
elektroden. Wanneer deze versleten zijn dient de bougie vervangen te worden.
Onderhoud
Standaard bougie:
NGK BR6HS / Denso W20FSR-U
34
Voordat u de bougie monteert, moet eerst de elektrodeafstand gemeten worden
met behulp van een voelmaat. Stel zo nodig de juiste afstand in.
1. Elektrodeafstand
2. Bougie typeaanduiding (NGK)
Gebruik aljd een nieuwe pakking en reinig het pasvlak van de bougie op de cilinderkop bij de montage van de bougie.
Maak het schroefdraad schoon en monteer met het juiste aanhaalmoment.
OPMerking
Wanneer er geen momentsleutel beschikbaar is bij het monteren van de bougie, gee de volgende procedure een goede
indicae van het juiste aanhaalmoment: draai de bougie handvast aan en vervolgens nog een ¼ tot een ½ slag vaster.
Controleer het aanhaalmoment later met een momentsleutel.
Controle brandstofsysteem
WaarsChuWing
Benzine en benzinedampen zijn uiterst brandbaar en explosief. Houd afstand van vonken, sigareen, open vuur en andere
ontstekingsbronnen.
WaarsChuWing
Lekkende brandstof kan tot brand of een explosie leiden.
Controleer regelmag op brandstoekken.
Wanneer een lekkage geconstateerd wordt, moet deze door een gekwaliceerde technicus verholpen worden
Ondeugdelijke reparaes kunnen de buitenboordmotor gevaarlijk in het gebruik maken.
Controleer de brandstoeidingen op lekken, scheuren en werking. Wanneer een defect wordt geconstateerd,
moet dit direct door uw dealer of een gekwaliceerde technicus gerepareerd worden.
Onderhoud
Bougie elektrodeafstand:
0,8-1,0 mm
Aanhaalmoment bougie:
25,0 Nm (1,84 kgm)
Maintenance
35
Controlepunten
Lekkages
Lekkende brandstofslangen
Scheuren of andere beschadigingen in slangen
Lekkende brandstofaansluingen
Controle staonair toerental
WaarsChuWing
Raak geen elektrische onderdelen aan wanneer de motor gestart wordt of jdens het gebruik ervan. Houd handen,
haar en kleding vrij van het vliegwiel en andere draaiende delen van de motor wanneer deze loopt.
leT OP
Deze procedure moet uitgevoerd worden terwijl de buitenboordmotor in het water hangt, in een tesank hangt of
aangesloten is op een spoelinrichng.
Voor deze procedure is een toerenteller noodzakelijk. De resultaten kunnen verschillen aankelijk of de motor in een
tesank of in het water hangt.
1. Start de motor en warm deze in de neutraal stand op, tot de motor mooi rond en soepel loopt.
OPMerking
Het correcte staonaire toerental kan alleen gecontroleerd worden wanneer de motor op bedrijfstemperatuur is. Wanneer
de motor nog te koud is, zal het toerental hoger dan normaal zijn. Wanneer u moeilijkheden ondervindt bij het bepalen of
instellen van het staonaire toerental, neem dan contact op met uw dealer of raadpleeg een gekwaliceerde technicus.
2. Controleer of het toerental op de voorgeschreven waarde ligt. Zie pagina 27 voor het juiste staonaire toerental.
Motorolie verversen
WaarsChuWing
Tap de motorolie niet direct af nadat de motor net gestopt is. De motorolie is heet en kan brandwonden veroorzaken.
Verzeker u ervan dat de buitenboordmotor stevig vastgezet is op de spiegel of een motorsteun.
WaarsChuWing
Vul niet meer olie bij dan voorgeschreven. Controleer of de buitenboordmotor rechtop staat (niet gekanteld)
wanneer het motoroliepeil gecontroleerd of vervangen wordt.
Wanneer het motoroliepeil zich boven het maximum niveau bevindt, dan moet de overtollige motorolie afgetapt
worden. Een te hoog motorolie niveau kan lekkages en motorschade veroorzaken.
WaarsChuWing
Ververs de motorolie na de eerste 10 draaiuren, daarna iedere 100 uur of iedere 6 maanden om versnelde motorslijtage
te voorkomen.
OPMerking
Vervang de motorolie wanneer deze nog warm, maar niet heet is.
1. Plaats de buitenboordmotor in een rechte, vercale posie.
2. Houd een opvangbak klaar met voldoende capaciteit om de motorolie op te vangen. Draai de aapplug los en vang
de motorolie op in de opvangbak. Verwijder vervolgens de olievulplug. Laat de motorolie geheel weglopen. Veeg
gemorste motorolie direct op.
3. Plaats een nieuwe pakkingring over de aapplug. Smeer de pakkingring licht in met motorolie voor de montage en
draai de aapplug vast.
Onderhoud
36
2
1
OPMerking
Wanneer er geen momentsleutel beschikbaar is bij het monteren van de aapplug, gee de volgende procedure een
goede indicae van het juiste aanhaalmoment: draai de aapplug handvast aan en vervolgens nog een ¼ tot een ½ slag
vaster. Controleer het aanhaalmoment later met een momentsleutel.
4. Vul de correcte hoeveelheid motorolie bij via de vulopening.
1. Olievuldop
5. Start de buitenboordmotor en controleer of er geen olielekkages zijn.
leT OP
Wanneer het waarschuwingslampje voor een lage oliedruk niet uitgaat, of wanneer er lekkages geconstateerd worden,
moet de motor onmiddellijk afgezet worden om ernsge motorschade te voorkomen.
6. Zet de motor af en wacht 3 minuten. Controleer nogmaals het oliepeil, dat zich tussen het minimum en maximum
peil dient te bevinden. Vul motorolie bij indien nodig, tap motorolie af wanneer het peil boven het maximum
niveau staat.
1. Minimum peil
2. Maximum peil
7. Voer afgewerkte motorolie af als klein chemisch afval conform de geldende voorschrien.
Onderhoud
Aanhaalmoment olie aapplug
18,0 Nm (1,84 kgm)
Aanbevolen motorolie:
4-takt buitenboordmotor motorolie
Hoeveelheid (zonder olielter)
0,5 liter
37
OPMerking
Ververs de motorolie vaker wanneer de buitenboordmotor onder zware omstandigheden gebruikt wordt zoals bij het
slepend vissen (trolling).
Controle van de bedrading en verbindingen
Controleer of iedere massakabel goed vast zit.
Controleer dat iedere stekker stevig vast zit.
Uitlaat lekkage
Start de motor en controleer of er geen uitlaatgassen tussen de cilinder, het uitlaatspruitstuk en de uitlaatkap vrijkomen.
Water lekkage
Start de motor en controleer of er geen waterlekkages voorkomen bij de verbindingen tussen de cilinderkop, cilinder en
het uitlaatspruitstuk.
Motorolie lekkage
Controleer de gehele motor op olielekkages.
Controle van de schroef
WaarsChuWing
U kunt erns฀g gewond raken wanneer de buitenboordmotor per ongeluk start en u zich in de nabijheid van de schroef
bevindt.
Voor de controle, inspec฀e, montage en demontage van de schroef moet eerst de bougiekap van de bougie
afgenomen worden. Plaats bovendien de schakelhevel in de stand neutraal, zet de hoofdschakelaar op ‘’OFF’ en
neem de sleutel uit het contactslot, verwijder het veiligheidskoord uit de noodstopschakelaar.
Gebruik nooit uw hand om de schroef vast of tegen te houden bij het vastze฀en of losmaken van de schroefmoer.
Plaats een houten blok tussen de an฀cavita฀eplaat en de schroef om deze te blokkeren.
Onderhoud


Produkt Specifikationer

Mærke: Nimarine
Kategori: Påhængsmotorer
Model: NF4

Har du brug for hjælp?

Hvis du har brug for hjælp til Nimarine NF4 stil et spørgsmål nedenfor, og andre brugere vil svare dig




Påhængsmotorer Nimarine Manualer

Nimarine

Nimarine NF4 Manual

7 Oktober 2024
Nimarine

Nimarine NF9.9 Manual

13 Juli 2024

Påhængsmotorer Manualer

Nyeste Påhængsmotorer Manualer